Daniël
hoofdstukken 1:9-15
BasisBijbel
9God zorgde ervoor dat de man naar hem wilde luisteren.
10Maar hij zei tegen Daniël: "Als je niet eet wat de koning bevolen heeft, ben ik bang dat de koning straks zal vinden dat je er minder goed uitziet dan de andere jongemannen die zijn uitgekozen. En daar zal hij míj de schuld van geven."
11Nu was het zo, dat Aspenaz een hofdienaar had aangewezen om Daniël, Hananja, Misaël en Azarja te bewaken en te verzorgen. Dat was [ de ] Melzar. Toen vroeg Daniël aan [ de ] Melzar: "Geef ons alstublieft een proeftijd van tien dagen.
12Tien dagen lang zullen we alleen brood en groenten eten en water drinken.
13Daarna vergelijkt u ons met de jongens die mee-eten met de maaltijden van de koning. Dan kunt u zien of wij er net zo goed uitzien als zij. Beslis dan wat we voortaan zullen eten."
14De dienaar deed wat ze vroegen en gaf hun een proeftijd van tien dagen.
15Na die tien dagen zag hij dat zij er gezonder en steviger uitzagen dan de andere jongemannen, die wel hadden gegeten van de maaltijden van de koning.