Daniël
hoofdstukken 3:6-12
BasisBijbel
6Wie dat niet doet, zal onmiddellijk in de brandende oven worden gegooid."
7Daarom boog iedereen zich diep zodra de muziek begon te spelen. Iedereen die daar was, van welk land dan ook, knielde neer, boog zich diep en aanbad het gouden beeld dat koning Nebukadnezar had neergezet.
8Op dat moment kwamen er een paar Babyloniërs bij de koning. Ze beschuldigden de Judeeërs.
9Ze zeiden tegen koning Nebukadnezar: "Mijn heer de koning, leef in eeuwigheid!
10U heeft het bevel gegeven dat, zodra de muziek begon te spelen, iedereen moest neerknielen en zich diep moest buigen om het gouden beeld te aanbidden.
11Ook heeft u gezegd dat wie dat niet deed, in de brandende oven gegooid zou worden.
12Mijn heer de koning, een aantal mannen heeft zich niets van u aangetrokken. Het zijn de mannen uit Juda die u heeft aangewezen tot bestuurders van de provincie Babel, namelijk Sadrach, Mesach en Abednego. Ze willen uw goden niet aanbidden. Ook het gouden beeld niet dat u heeft neergezet."