Daniël
hoofdstukken 8:18-24
BasisBijbel
18Toen hij tegen mij sprak, viel ik flauw. Ik viel met mijn gezicht op de grond. Maar hij raakte mij aan en zette mij weer overeind.
19En hij zei: "Ik zal je vertellen wat er aan het eind van de tijd zal gebeuren, aan het einde van Gods straf. Want God heeft bepaald wanneer het einde er zal zijn.
20Het schaap met de twee horens dat je hebt gezien, stelt de koningen van Medië en Perzië voor.
21De harige bok stelt de koning van Griekenland voor. De grote hoorn in het midden van zijn voorhoofd is de eerste koning.
22Die hoorn breekt plotseling af. Op zijn plaats ontstaan vier nieuwe horens. Dat betekent dat er vier koninkrijken uit dat ene koninkrijk zullen ontstaan. Maar die koninkrijken zullen niet zo machtig zijn als het koninkrijk van de eerste hoorn.
23Op een dag zullen de ongehoorzamen de maat van hun slechtheid vol hebben gemaakt. Dan komt er een eind aan hun regering. Er komt een andere koning. Hij is hard en wreed en sluw.
24Hij zal erg machtig zijn, maar niet door zijn eigen kracht. Hij zal vreselijke vernietiging brengen. En alles wat hij van plan is, zal hem ook lukken. Hij zal machtige mensen vernietigen, ook het volk van God.