Genesis
hoofdstukken 1:4-10
BasisBijbel
4En God zag dat het licht goed was. God scheidde licht en donker van elkaar.
5Het licht noemde Hij 'dag' en het donker noemde Hij 'nacht.' Toen werd het avond en weer ochtend: de eerste dag was voorbij.
6En God zei: "Ik wil dat al het water zich in tweeën verdeelt."
7Toen verdeelde het water zich in water boven in de lucht en water beneden op de aarde. Zo gebeurde wat Hij zei.
8Het bovenste deel noemde Hij 'hemel.' Toen werd het avond en weer ochtend: de tweede dag was voorbij.
9En God zei: "Ik wil dat het water beneden op de aarde naar één plek stroomt, zodat er ook droge grond tevoorschijn komt." Wat Hij zei, gebeurde.
10De droge grond noemde Hij 'aarde' en het samengestroomde water noemde Hij 'zee.' En God zag dat het goed was.