Genesis
hoofdstukken 25:6-12
BasisBijbel
6Aan de zonen van zijn bijvrouwen gaf hij geschenken. Daarmee stuurde hij hen nog tijdens zijn leven weg van zijn zoon Izaäk. Hij stuurde hen naar het oosten, naar het Oosterland.
7Abraham werd 175 jaar.
8Toen stierf hij, oud en tevreden over zijn leven.
9Zijn zonen Ismaël en Izaäk begroeven hem in de grot van Machpela, in de akker van Efron, de zoon van de Hetiet Zohar.
10Die akker ligt bij Mamré. Het is de akker die Abraham van de Hetieten had gekocht. Daar werd hij begraven bij zijn vrouw Sara.
11Na Abrahams dood zegende God zijn zoon Izaäk, die bij de put Lachai-Roï woonde.
12Dit is de familie van Ismaël, de zoon van Abraham en de Egyptische vrouw Hagar. Hagar was de slavin van Sara.