Genesis
hoofdstukken 31:18-24
BasisBijbel
18En zijn hele kudde en alles wat hij verder had verdiend in Paddan-Aram, nam hij mee. Zo ging hij op weg naar zijn vader Izaäk in Kanaän.
19Laban was op dat moment niet thuis. Hij was vertrokken om zijn schapen te scheren. Rachel kon daardoor ongemerkt de godenbeeldjes van haar vader stelen.
20En Jakob kon ongemerkt bij Laban vertrekken, want hij vertelde hem niet dat hij vertrok.
21Zo vluchtte hij weg met alles wat van hem was, stak de Rivier [ de Eufraat ] over en reisde in de richting van de bergen van Gilead.
22Drie dagen later kreeg Laban te horen dat Jakob was gevlucht.
23Hij nam een aantal mannen uit zijn familie mee en achtervolgde hem zeven dagen lang. In de bergen van Gilead haalde hij hem in.
24Maar God kwam 's nachts in een droom naar de Arameeër Laban toe. Hij zei tegen hem: "Pas op! Ik wil niet dat je ook maar íets verkeerds tegen Jakob doet of zegt!"