Genesis
hoofdstukken 31:19-25
BasisBijbel
19Laban was op dat moment niet thuis. Hij was vertrokken om zijn schapen te scheren. Rachel kon daardoor ongemerkt de godenbeeldjes van haar vader stelen.
20En Jakob kon ongemerkt bij Laban vertrekken, want hij vertelde hem niet dat hij vertrok.
21Zo vluchtte hij weg met alles wat van hem was, stak de Rivier [ de Eufraat ] over en reisde in de richting van de bergen van Gilead.
22Drie dagen later kreeg Laban te horen dat Jakob was gevlucht.
23Hij nam een aantal mannen uit zijn familie mee en achtervolgde hem zeven dagen lang. In de bergen van Gilead haalde hij hem in.
24Maar God kwam 's nachts in een droom naar de Arameeër Laban toe. Hij zei tegen hem: "Pas op! Ik wil niet dat je ook maar íets verkeerds tegen Jakob doet of zegt!"
25Toen Laban Jakob inhaalde, had Jakob zijn tenten opgezet in de bergen van Gilead. Ook Laban en zijn familieleden zetten daar hun tenten op.