Genesis
hoofdstukken 40:16-22
BasisBijbel
16De bakker hoorde dat de droom van de wijnschenker iets goeds betekende. Daarom zei hij tegen Jozef: "Ik had ook een droom. Op mijn hoofd stonden drie manden met gebak.
17In de bovenste mand zaten allerlei soorten brood en gebak voor de Farao. Maar de vogels aten de bovenste mand leeg."
18Toen zei Jozef: "Dit is wat jouw droom betekent. De drie manden zijn drie dagen.
19Over drie dagen zal de Farao je een heel hoge plaats geven: hij zal je aan een paal hangen en de vogels zullen je vlees opeten."
20Drie dagen later was het de verjaardag van de Farao. Daarom hield hij een feestmaaltijd voor al zijn dienaren. Hij liet de wijnschenker en de bakker ook naar het feest komen en gaf hun allebei een hoge plaats.
21Want hij gaf de wijnschenker zijn baan terug, zodat hij de Farao weer de wijnbeker mocht aangeven.
22Maar de bakker hing hij op, zoals Jozef ook had uitgelegd.