Hosea
hoofdstukken 12:1-7
BasisBijbel
1[ De Heer zegt: ] "Het koninkrijk Israël heeft aldoor tegen Mij gelogen. Aldoor hebben ze Mij bedrogen. Ook het koninkrijk Juda dwaalde altijd af van Mij, de Heilige God die trouw is.
2Israël vertrouwt op de verkeerde dingen. Hij kan net zo goed proberen de wind te vangen. Hij stapelt leugen op leugen en geweld op geweld. Hij sluit met Assur een verbond en geeft olijf-olie aan Egypte [ in ruil voor hulp ].
3De Heer houdt ook een rechtszaak tegen het koninkrijk Juda. Hij gaat het volk van Jakob straffen voor alle slechte dingen die het doet.
4Al vanaf dat Jakob in de buik van zijn moeder zat, streed hij met zijn broer Ezau. Toen hij volwassen was, streed hij moedig met God.
5Hij streed moedig met de Engel en won van Hem.
6Onder tranen smeekte hij de Engel dat die hem zou zegenen. In Bet-El vond hij God. De Heer, de God van de hemelse legers, sprak daar met hem.
7Volk van Jakob, ga nu [ net als Jakob ] terug naar je God. Leef zoals Hij het wil. Vertrouw in alles op Hem.