Hosea
hoofdstukken 5:5-11
BasisBijbel
5Israël is veel te trots. Door de slechte dingen die ze doen, zal het slecht met hen aflopen. En Juda doet met hen mee. Daarom zal het ook met Juda verkeerd aflopen.
6Ze zullen wel schapen en koeien aan Mij komen offeren, maar Ik zal niet meer naar hen luisteren. Ik trek Mij niets meer van hen aan.
7Want ze zijn ontrouw aan Mij. Ze hebben kinderen gekregen die als vreemdelingen zijn. Nu zal iemand anders hun eigen gebieden verslinden. "
8[ De Heer zegt: ] "Blaas alarm op de ramshoorn in Gibea! Blaas alarm op de trompet in Rama! Sla alarm in Bet-Aven! De vijand komt eraan, Benjamin!
9Wanneer Ik Israël straf, zal het land verwoest worden. Ik maak aan de stammen van Israël bekend wat Ik heb besloten, want mijn besluit staat vast.
10[ Ook ] de leiders van Juda zijn slecht. Ze hebben de grenspalen verzet. Daarom zal Ik mijn straf als water over hen uitstorten.
11De mensen in Israël zullen worden verdrukt en vertrapt. Dat is hun straf. Daarna zullen ze de wetten en leefregels weer gaan gehoorzamen.