Job
hoofdstukken 39:9-15
BasisBijbel
9Ik heb hem de woestijn als woonplaats aangewezen.Ik liet hem wonen bij de zoutvlakten.
10Hij heeft niets te maken met de drukte van de stad.Hij wordt door niemand opgejaagd om sneller te lopen.
11Hij graast op de bergenen zoekt malse groene plantjes.
12Zou een wilde buffel voor jou willen werken?Zou hij 's nachts bij de voerbakken in je stal willen staan?
13Kun jij hem dwingen het land voor je om te ploegen?Zal hij achter je aanlopen om stenen voor je uit de grond te sleuren?
14Kun je op hem vertrouwen omdat het zo'n sterk dier is?Laat je hem voor je zwoegen?
15Reken je er op dat hij je oogst wel voor je binnen zal halen?Dat hij het naar de plaats zal brengenwaar de graankorrels uit de aren worden geklopt?