Leviticus
hoofdstukken 21:10-16
BasisBijbel
10De hogepriester is de belangrijkste priester. Hij is gezalfd met de heilige zalf-olie en hij dient de Heer. Hij heeft de heilige kleren gekregen. Als hij treurt over een dode, mag hij zijn haar niet los laten hangen en zijn kleren niet scheuren [ als teken van verdriet ].
11Hij mag nooit in de buurt van een dode komen. Zelfs niet als dat zijn eigen vader of moeder is.
12Want mijn heilige zalf-olie is op hem. Hij moet in het heiligdom blijven, want anders maakt hij mijn heiligdom onheilig. Ik ben de Heer.
13De hogepriester mag alleen trouwen met een vrouw die nog nooit met een man naar bed is geweest.
14Hij mag niet met een weduwe trouwen, of met een vrouw die door haar man is weggestuurd, of met een vrouw die al een keer met een man naar bed geweest is. En hij moet een vrouw van zijn eigen stam kiezen.
15Want anders zouden zijn kinderen onheilig zijn. Want Ik ben de Heer, en Ik heb hem heilig gemaakt en uitgekozen om Mij te dienen."
16De Heer zei tegen Mozes: