Leviticus
hoofdstukken 27:4-10
BasisBijbel
4Voor een vrouw tussen de 20 en de 60 jaar: 30 sikkels [ (330 gram) ].
5Voor een jongen tussen de vijf en de 20 jaar: 20 sikkels [ (220 gram) ].Voor een meisje tussen de vijf en de 20 jaar: 10 sikkels [ (110 gram) ].
6Voor een jongen van één maand tot vijf jaar: 5 sikkels [ (55 gram) ].Voor een meisje van één maand tot vijf jaar: 3 sikkels [ (33 gram) ].
7Voor een man die ouder is dan 60 jaar: 15 sikkels [ (165 gram) ].Voor een vrouw die ouder is dan 60 jaar: 10 sikkels [ (110 gram) ].
8Als iemand te arm is om dat bedrag te betalen, dan moet hij met de persoon die hij Mij wil geven naar de priester gaan. De priester zal dan bepalen hoeveel hij moet betalen. Daarbij moet hij rekening houden met hoe rijk of hoe arm de man is die de belofte aan Mij heeft gedaan.
9Maar als iemand Mij belooft een dier te geven, een dier dat ook voor de offers gebruikt mag worden, dan moet hij een goed, gezond dier geven. Want het is een heilig geschenk.
10Hij mag het dier niet omruilen voor een ander dier. Een goed dier mag niet omgeruild worden voor een slecht dier en een slecht dier mag niet omgeruild worden voor een goed dier. Als hij het dier tóch omruilt, dan moet hij allebei de dieren aan Mij geven.