Numeri
hoofdstukken 1:4-10
BasisBijbel
4Van elke stam moet de leider van die stam jullie helpen bij het tellen.
5Dat zijn:Elizur, de zoon van Sedeür, van de stam van Ruben.
6Selumiël, de zoon van Zurisaddai, van de stam van Simeon.
7Nahesson, de zoon van Amminadab, van de stam van Juda.
8Netaneël, de zoon van Zuar, van de stam van Issaschar.
9Eliab, de zoon van Helon, van de stam van Zebulon.
10Van de stam van Jozef: Elisama, de zoon van Ammihud, van de stam van Efraïm, en Gamaliël, de zoon van Pedazur, van de stam van Manasse.