Numeri
hoofdstukken 10:26-32
BasisBijbel
26Aan het hoofd van de stam van Aser stond Pagiël, de zoon van Ochran.
27Aan het hoofd van de stam van Naftali stond Ahira, de zoon van Enan.
28Dat was de volgorde waarin de Israëlieten optrokken als ze verder reisden.
29Toen zei Mozes tegen Hobab, de broer van zijn vrouw, de zoon van zijn schoonvader Rehuël uit Midian: "We trekken naar de plaats die de Heer aan ons beloofd heeft. Ga met ons mee, dan zul je het goed hebben. Want de Heer heeft aan Israël goede dingen beloofd."
30Maar hij antwoordde: "Nee, ik wil naar mijn eigen land en familie teruggaan."
31Toen zei Mozes: "Laat ons nu niet in de steek. Jij weet goed hoe we in de woestijn een tentenkamp moeten opzetten. Jij kan onze gids zijn.
32Ga toch met ons mee! Dan zul je het net zo goed krijgen als wij, als we straks alle goede dingen gekregen hebben die de Heer ons heeft beloofd."