Numeri
hoofdstukken 21:19-25
BasisBijbel
19Van de woestijn trokken ze naar Mattana. Van Mattana naar Nahaliël.
20Van Nahaliël naar Bamot. Van Bamot naar het dal dat in de vlakte van Moab ligt, bij de berg van de Pisga, vanwaar je uitkijkt over de Wildernis.
21Daar stuurde Israël boodschappers naar koning Sihon van de Amorieten. Ze moesten hem vragen:
22"Mogen we door uw land trekken? We zullen op de weg blijven. We zullen niet dwars door akkers en wijngaarden gaan. We zullen geen bronwater drinken. We zullen over de grote weg gaan, totdat we uw land doorgetrokken zijn."
23Maar Sihon wilde niet dat Israël door zijn land zou trekken. Hij riep zijn hele leger bij elkaar en ging Israël tegemoet in de woestijn. Bij Jaza viel hij Israël aan.
24Maar Israël versloeg hem en veroverde zijn land vanaf de Arnon tot aan de Jabbok, de grens met [ het land van ] de Ammonieten. Want de grens van de Ammonieten werd goed verdedigd.
25Israël veroverde alle steden van de Amorieten en ging er wonen: in Hesbon en alle andere plaatsen.