Numeri
hoofdstukken 3:46-51
BasisBijbel
46Maar er zijn 273 méér oudste zonen dan dat er Levieten zijn.
47Als losgeld voor die 273 oudste zonen moet je per persoon 5 sikkels zilver [ (55 gram) ] geven. Je moet die afmeten met de sikkel die in het heiligdom gebruikt wordt. Die sikkel is 20 gera [ (110 gram) ].
48Dat geld moet je aan Aäron en zijn zonen geven. Zo koop je het aantal mannen vrij dat er méér is dan Levieten."
49Toen haalde Mozes het losgeld op voor de mannen die er méér waren dan Levieten.
50Het werd betaald door de oudste zonen van de Israëlieten. Het was 1365 sikkels zilver [ (15 kilo) ], gemeten met de sikkel die in het heiligdom gebruikt wordt.
51Mozes gaf dat losgeld aan Aäron en zijn zonen, zoals de Heer het Mozes bevolen had.