Numeri
hoofdstukken 32:36-42
BasisBijbel
36Bet-Nimra en Bet-Haran. Ook de stallen herbouwden ze.
37De stam van Ruben herbouwde Hesbon, Eleale, Kirjataïm, Nebo, Baäl-Meon en Sibma.
38Ze gaven nieuwe namen aan de steden die ze herbouwden.
39De familie van Machir, een zoon van Manasse, veroverde Gilead. Ze joegen de Amorieten weg die er woonden.
40Daarom gaf Mozes Gilead aan de familie van Machir. Ze gingen er wonen.
41De familie van Jaïr, een [ andere ] zoon van Manasse, veroverde de dorpen van de Amorieten en noemde die 'de Dorpen van Jaïr.'
42En Noba veroverde Kenat en de dorpen die daarbij hoorden. Hij noemde de stad naar zichzelf: Noba.