Numeri
hoofdstukken 5:1-7
BasisBijbel
1De Heer zei tegen Mozes:
2"Zeg tegen de Israëlieten dat ze alle mensen met een besmettelijke huidziekte uit het tentenkamp moeten wegsturen. Ook alle mensen die bloed verliezen en alle mensen die onrein zijn doordat ze een dode hebben aangeraakt.
3Al die mannen en vrouwen moeten jullie het tentenkamp uit sturen, zodat het tentenkamp niet onrein wordt door hen. Want Ik woon bij jullie."
4Toen stuurden de Israëlieten hen het tentenkamp uit, zoals de Heer tegen Mozes gezegd had.
5Toen zei de Heer tegen Mozes:
6"Zeg tegen de Israëlieten: Als iemand iets doet wat Ik niet wil, is hij schuldig.
7Hij moet hardop zeggen wat hij voor verkeerds gedaan heeft. Als hij door wat hij gedaan heeft iets aan een ander schuldig is, moet hij hem betalen wat hij hem schuldig is. En hij moet hem bovendien een boete betalen van een vijfde deel van de waarde van wat hij schuldig was.