Numeri
hoofdstukken 8:1-6
BasisBijbel
1De Heer zei tegen Mozes:
2"Zeg tegen Aäron: Als je de olielampen [ op de kandelaar ] aansteekt, moet het licht van de zeven lampen naar de voorkant van de kandelaar schijnen."
3Daarom zette Aäron de lampen zó op de kandelaar, dat het licht aan de voorkant van de kandelaar viel. Want zo had de Heer het Mozes bevolen.
4De kandelaar was helemaal van massief goud gemaakt: de middelste steel, de zijarmen en de bloemversieringen. Mozes had de kandelaar laten maken volgens het voorbeeld dat de Heer hem had laten zien.
5En de Heer zei tegen Mozes:
6"Neem de Levieten uit de Israëlieten en maak hen klaar voor hun taak voor Mij.