Prediker
hoofdstukken 10:8-14
BasisBijbel
8Iemand die een valkuil graaft [ voor iemand anders ], zal er zelf in vallen.En iemand die een muur doorbreekt, zal door een slang gebeten worden.
9Iemand die stenen draagt, kan gewond raken.Als je hout hakt, loop je gevaar.
10Als je bijl bot is geworden, moet je hem slijpen.Doe je dat niet, dan moet je steeds meer kracht gebruiken.Als je iets goed wil doen, kun je het beste met wijsheid te werk gaan.
11Als de slang je al heeft gebeten vóór de bezwering,heeft het geen zin meer om de slangenbezweerder nog te laten komen.
12Iedereen luistert graag naar de woorden van een wijs mens.Maar de woorden van een dwaas storten hem in het ongeluk.
13Eerst zijn zijn woorden alleen maar onverstandig.Maar later wordt het zelfs gevaarlijk wat hij zegt.
14Dwaze mensen praten en praten maar,terwijl niemand weet wat er in de toekomst zal gebeuren.Niemand kan zeggen wat er na zijn dood zal gebeuren.