Richters
hoofdstukken 12:3-9
BasisBijbel
3Toen ik zag dat jullie niet kwamen helpen, ben ik met gevaar voor eigen leven met mijn leger naar de Ammonieten getrokken. De Heer heeft ons de overwinning gegeven. Waarom komen jullie dan nu ruzie met me zoeken?"
4De mannen van de stam van Efraïm begonnen de mannen van Gilead uit te schelden voor 'weggelopen Efraïmieten' (want Gilead ligt tussen het gebied van de stam van Efraïm en het gebied van de stam van Manasse in). Toen riep Jefta alle mannen van Gilead bij zich. Ze streden tegen de stam van Efraïm. En Jefta's leger won.
5Want het bezette de ondiepe plaatsen waar je de Jordaan kon oversteken. Als een vluchteling van de stam van Efraïm zei: "Laat me oversteken," dan vroegen de mannen van Gilead hem:
6"Ben jij van Efraïm?" Als hij "Nee" zei, dan zeiden ze tegen hem: "Zeg eens 'sjibbolet.' " Als hij dan 'sibbolet' zei, en het dus niet goed uitsprak, werd hij gedood. Zo doodden ze 42.000 mannen van Efraïm.
7Jefta uit Gilead was zes jaar leider van Israël. Toen stierf hij. Hij werd begraven in een stad in Gilead.
8Na hem was Ebzan uit Betlehem leider van Israël. Hij had 30 zonen en 30 dochters.
9Hij liet zijn 30 dochters trouwen met mannen van andere families en voor zijn zonen zocht hij 30 vrouwen uit van andere families.