Deuteronomium
hoofdstukken 32:2-8
BasisBijbel
2Drink wat ik jullie leer op, zoals het gras de regen opdrinkt.Laat mijn woorden voor jullie zijn als dauw op het gras,als zachte regen voor de planten.
3Want ik zal jullie vertellen wie de Heer is.Ik zal onze God prijzen.
4Hij is de Rots waarop wij stevig staan.Alles wat Hij doet is volmaakt.Alles wat Hij doet is rechtvaardig.Hij is trouw en nooit onrechtvaardig.Hij doet altijd wat Hij heeft beloofd.
5Maar de mensen zijn ontrouw aan Hem.Ze zijn zijn kinderen niet.Want ze gedragen zich verschrikkelijk.Ze zijn ongehoorzaam en slecht.
6Dwaas en onverstandig volk!Is dat hoe jullie de Heer bedanken?Hij is toch jullie Vader?Hij heeft jullie toch gekocht?Hij heeft jullie toch gemaakt en jullie een eigen plek gegeven?
7Denk eens aan vroeger.Vraag eens aan je vader hoe het lang geleden was.Vraag aan de oude mensen om je erover te vertellen.
8Toen de Allerhoogste God de volken over de aarde verdeelde,gaf Hij elk volk een eigen gebied.Hij stelde hun grenzen vast.Die grenzen werden bepaald door de grootte van het volk Israël.