Exodus
hoofdstukken 27:12-18
BasisBijbel
12Aan de westkant komt een doek van 50 el [ (22½ m) ].
13Ook de oostkant wordt 50 el.
14Hang daarvoor rechts van de ingang een doek van 15 el [ (6,75 m) ], met drie palen die alle drie in een [ koperen ] voetstuk staan.
15Ook links van de ingang komt een doek van 15 el, met drie palen die alle drie in een [ koperen ] voetstuk staan.
16In het midden, voor de ingang van de omheining, komt een geweven gordijn van 20 el [ (9 m) ] van blauw, paars en rood draad en fijn linnen. Het moet een kleurig geweven doek worden. Hang dat gordijn op aan vier palen op vier voetstukken.
17Alle palen van de omheining moeten met zilveren stangen en zilveren haken aan elkaar vastgemaakt worden. De voetstukken van de palen moeten van koper zijn.
18De omheining is dan 100 el [ (45 m) ] lang en aan beide zijkanten 50 el [ (22½ m) ] breed. De wanden zijn 5 el [ (2,25 m) ] hoog en gemaakt van fijn linnen. De voetstukken zijn van koper.