Exodus
hoofdstukken 27:7-13
BasisBijbel
7De draagstokken moeten in de ringen [ van het rooster ] worden gestoken. Daaraan moet het altaar worden gedragen.
8Maak het altaar van planken. Het altaar moet hol blijven. Maak het volgens het voorbeeld dat Ik je op de berg heb laten zien.
9Maak een omheining rond de tent. Aan de zuidkant komt een doek van fijn linnen van 100 el [ (45 m) ].
10Het hangt aan 20 palen die allemaal in een koperen voetstuk staan. Maak aan de palen haken en dwarsstangen van zilver [ om het gordijn aan vast te maken ].
11Ook aan de noordkant komt een doek van 100 el, aan 20 palen die allemaal in een koperen voetstuk staan. Maak aan de palen haken en dwarsstangen van zilver [ om het doek aan vast te maken ].
12Aan de westkant komt een doek van 50 el [ (22½ m) ].
13Ook de oostkant wordt 50 el.