Exodus
hoofdstukken 33:14-20
BasisBijbel
14Toen zei Hij: "Moet Ik Zélf meegaan om je gerust te stellen?"
15Mozes antwoordde Hem: "Als U niet Zelf met ons meegaat, laat ons dan niet van hier verder trekken!
16Want hoe kunnen we weten dat U goed en vriendelijk voor mij en voor dit volk wil zijn, als U niet Zelf met ons meegaat? Want toch juist doordat U bij ons bent, zijn wij anders dan de andere volken op de aarde. Wij zijn immers uw eigen volk."
17De Heer zei tegen Mozes: "Ook deze keer zal Ik doen wat je vraagt, omdat je mijn vriend bent en Ik goed en vriendelijk voor je wil zijn."
18Toen vroeg Mozes: "Mag ik U alstublieft in uw volle hemelse macht en majesteit zien?"
19Hij zei: "Ik zal je mijn volle goedheid laten zien. Ik zal je zeggen wie Ik ben. Want Ik zal goed zijn voor wie Ik wil en Ik zal vriendelijk zijn voor wie Ik wil.
20Maar mijn gezicht zul je niet zien. Want niemand kan Mij zien en in leven blijven.