Exodus
hoofdstukken 37:2-8
BasisBijbel
2Hij bedekte die van binnen en van buiten met zuiver goud. Hij maakte er rondom een opstaande gouden rand op.
3Hij maakte vier gouden ringen aan de vier hoeken: twee ringen aan de ene zijkant en twee ringen aan de andere zijkant.
4Hij maakte draagstokken van acaciahout en bedekte die met goud.
5Hij stak de draagstokken in de ringen die aan de zijkanten van de kist zaten. Daarmee moest de kist worden gedragen.
6Hij maakte van zuiver goud het vergevings-deksel. Het was 2½ el [ (1,13 m) ] lang en 1½ el [ (68 cm) ] breed.
7Hij maakte twee engelen van massief goud, één aan elke kant van het deksel.
8Eén engel aan de ene kant en één engel aan de andere kant. Het deksel en de twee engelen waren samen uit één stuk gemaakt.