Exodus
hoofdstukken 39:26-32
BasisBijbel
26Telkens om en om een gouden belletje en een granaatappeltje, helemaal rondom langs de onderrand van het bovenkleed voor de dienst – zoals de Heer het Mozes had bevolen.
27Ze maakten voor Aäron en zijn zonen geweven onderkleren van fijn linnen.
28Ook maakten ze de tulband, de prachtige mutsen en de broeken van fijn linnen, en de gordel van blauw, paars en rood draad en fijn linnen.
29De gordel werd een kleurig borduurwerk – zoals de Heer het Mozes had bevolen.
30Ze maakten van zuiver goud een plaat, de heilige diadeem. Daarin sneden ze de tekst: 'Heilig voor de Heer.'
31Ze maakten hem met een blauw koordje aan de tulband vast – zoals de Heer het Mozes had bevolen.
32Toen was al het werk voor de tent van ontmoeting en de omheining af. De Israëlieten hadden alles precies zó gemaakt als de Heer het Mozes had bevolen.