Exodus
hoofdstukken 4:24-30
BasisBijbel
24Onderweg, op de plaats waar ze de nacht doorbrachten, kwam de Heer naar hem toe en probeerde hem te doden.
25Toen nam Zippora een stenen mes en besneed daarmee haar zoon. Daarna raakte ze met het bloed zijn voeten aan en zei: "Je bent mijn bloedbruidegom."
26Dat zei ze vanwege het besnijden. Toen liet Hij hem met rust.
27Toen zei de Heer tegen Aäron: "Ga naar de woestijn. Daar zul je Mozes ontmoeten." Hij ging op weg en ontmoette hem bij de berg van God [ (= Horeb, Sinaï) ]. Hij omhelsde hem en kuste hem.
28Mozes vertelde hem alles wat de Heer tegen hem had gezegd. Ook welke wonderen hij van God moest doen.
29Mozes en Aäron riepen alle leiders van het volk Israël bij zich.
30Aäron vertelde alles wat de Heer tegen Mozes had gezegd. Mozes deed de wonderen voor het volk.