Exodus
hoofdstukken 7:20-25
BasisBijbel
20Mozes en Aäron deden wat de Heer had bevolen. De Farao en zijn dienaren zagen hoe Aäron met zijn staf op het water van de rivier sloeg. Al het water veranderde in bloed.
21De vissen in de rivier gingen dood. De hele rivier stonk ervan en de Egyptenaren konden het water niet meer drinken. In heel Egypte was het water veranderd in bloed.
22Maar de Egyptische tovenaars deden door hun toverkunsten hetzelfde. Daarom bleef de Farao koppig en wilde hij niet naar hen luisteren – zoals de Heer ook gezegd had.
23De Farao draaide zich om, ging naar huis en trok zich er niets van aan.
24Maar alle Egyptenaren groeven in de omgeving van de rivier naar water om te drinken. Want het rivierwater was ondrinkbaar.
25Er gingen zeven dagen voorbij nadat de Heer het water in bloed had veranderd.