Exodus
hoofdstukken 9:20-26
BasisBijbel
20Sommige dienaren van de Farao geloofden wat de Heer zei. Zij brachten hun knechten en hun vee in veiligheid in de huizen.
21Maar de dienaren die het niet geloofden, lieten hun knechten en hun vee op het veld.
22De Heer zei tegen Mozes: "Steek je hand op naar de hemel. Dan zal het in heel Egypte gaan hagelen. De hagel zal op alle mensen, dieren en planten in Egypte vallen."
23Toen stak Mozes zijn staf omhoog naar de hemel. En de Heer liet een zware onweersbui met hagel komen. Bliksemflitsen schoten naar de aarde en het hagelde in heel Egypte.
24De bliksem flitste door de hagelbuien heen en in heel Egypte hagelde het verschrikkelijk. Het had nog nooit zó zwaar gehageld in de geschiedenis van het land.
25De hagelstenen sloegen in heel Egypte alles plat wat op het veld was: mensen, dieren en planten. Ook alle bomen braken af door de hagel.
26Alleen in het land Gosen, waar de Israëlieten woonden, hagelde het niet.